20 oktober 1827: de Zeeslag bij Navarino

20 oktober 2019

20 oktober 1827 is een belangrijke datum in de Griekse Onafhankelijkheidsoorlog. Op die dag vond aan de westkust van de Peloponnesos de Slag bij Navarino plaats, die een beslissende wending betekende in de Griekse vrijheidsstrijd. Het was tevens de laatste grote zeeslag die uitsluitend met zeilschepen werd bevochten.

Een geallieerde vloot van Franse, Britse en Russische schepen had opdracht de Turks-Egyptische armada van Ibrahim Pasha met alleen machtsvertoon uit de Griekse wateren te loodsen. Het ontaardde echter in een zware zeeslag nadat de Turken enkele salvo’s hadden gelost op de vijandige schepen .

De geallieerden boorden in één dag de veel sterkere Turks-Egyptische vloot bijna in zijn geheel de grond in en luidden daarmee de Griekse onafhankelijkheid in.

De Russische schepen stonden onder bevel van de Nederlandse admiraal Lodewijk van Heiden. Samen met de Franse admiraal Henri de Rigny en de Britse bevelhebber Edward Codrington is hij in Griekenland bekend als Tris Navárchi (de drie admiraals). Bijna iedere Griekse stad heeft wel een plein dat naar dit heldhaftige drietal is vernoemd.

Van Heiden werd in 1927 op een Griekse postzegel vereeuwigd. In Athene is een zijstraat van het Platia Victorias (Victorieplein) naar hem vernoemd.


Museum brengt Playmobil-ode aan Griekse revolutie

16 oktober 2019

[klik op een afbeelding voor een vergroting]

In Griekenland zal in 2021 uitgebreid worden stilgestaan bij de 200e verjaardag van de Griekse Onafhankelijkheidsoorlog. Het Nationaal Historisch Museum in Athene neemt alvast een voorschot met een bijzondere tentoonstelling. In de centrale hal van het museum zijn namelijk verschillende historische scenes nagemaakt met Playmobil.

De tentoonstelling bevat meer dan 20 diorama’s met belangrijke gebeurtenissen uit de revolutie van 1821, waaronder de ‘vluchtelingen van Parga’, de ‘belegering van Tripolitsa‘, de ‘slag om Maniaki‘ en de’exodus van Mesolongi‘. Ook worden scenes uit het dagelijkse leven in het begin van de 19e eeuw uitgebeeld.

Ruim 80 belangrijke figuren uit de Onafhankelijkheidsoorlog (Grieken, Filhellenen en Ottomanen) worden belicht, inclusief hun biografieën. Voor de tentoonstelling zijn meer dan 1300 speciaal ontworpen Playmobil-poppetjes en accessoires gebruikt.

De expositie werd deze week geopend door Cultuurminister Lina Mendoni. “Het is heel belangrijk dat gebeurtenissen zoals de Griekse revolutie op een alternatieve manier worden gepresenteerd, zodat het begrijpelijk, toegankelijk en plezierig is voor gezinnen en kinderen”, aldus Mendoni. Bezoekers kunnen met een een speciaal interactief activiteitenboekje zoeken naar specifieke helden, bordspellen spelen en zelfs een virtuele aanval doen op een Turks tweedekker-schip.

Op 25 maart in 1821 verklaarde Griekenland zich onafhankelijk van het Ottomaanse Rijk. De Metropoliet Germanos van Patras hees op die dag de nieuwe Griekse vlag en zou daarbij Ελευθερία ή Θάνατος (Vrijheid of de dood) hebben geroepen. Het was het begin van de opstand tegen de Turken, die het land meer dan 400 jaar in hun greep hielden. Deze Onafhankelijkheidsdag wordt nog ieder jaar groots herdacht in Griekenland.

 



De tentoonstelling in het Nationaal Historisch Museum van Athene is nog te zien tot mei 2020. Het museum is gevestigd in het voormalige parlementsgebouw op Stadiou 13. Openingstijden: dinsdag-zondag van 08.30 uur tot 14.30 uur.

De Playmobil-figuren die voor deze tentoonstelling zijn gemaakt, zijn niet te koop in het museum of in winkels.


Nafpaktos herdenkt Slag bij Lepanto

6 oktober 2018

Met veel spektakel is in de West-Griekse stad Nafpaktos de Slag bij Lepanto herdacht. Duizenden mensen kwamen naar de Venetiaanse haven in de stad om de reconstructie van de beroemde zeeslag te bekijken.

Op 7 oktober 1571 vond in de Golf van Patras een zeeslag plaats tussen de vloot van de Heilige Liga (geleid door de Venetiaanse Republiek en het Spaanse rijk) en het Ottomaanse Rijk over de beheersing van het oostelijke Middellandse Zeegebied.

De Slag bij Lepanto is een van de grootste zeeslagen in de westerse geschiedenis sinds de klassieke oudheid en de laatste grote zeeslag waarbij gebruik werd gemaakt van galeischepen. Bij de zeeslag waren meer dan 400 oorlogsschepen betrokken.

De Ottomaanse strijdkrachten trokken westwaarts vanuit hun basis in Lepanto (de Venetiaanse naam voor Nafpaktos) terwijl de vloot van de Heilige Liga oostwaarts trok vanuit Messina, op Sicilië. De Ottomaanse vloot, onder leiding van Uluç Ali Pasha, werd na een vier uur durende strijd verslagen.

Aan de kant van Heilige Liga streed ook de Spaanse schrijver Miguel de Cervantes – de auteur van Don Quichot. Tijdens de strijd verwondde hij zijn linkerhand die daardoor voorgoed verlamd bleef. Het leverde Cervantes de bijnaam el manco de Lepanto (de gebrekkige van Lepanto) op.

 


8 november 1866: het drama van Arkadi

8 november 2017

Op 8 november 1866 vond in het Arkadi-klooster op Kreta een grote tragedie plaats, één van de bloedigste uit de moderne geschiedenis van Griekenland. Het klooster speelde een belangrijke rol in de onafhankelijkheidsstrijd van de Kretenzers tegen de Ottomaanse overheersers.

De Kretenzische rebellen gebruikten het klooster als schuilplaats: bijna duizend mannen, vrouwen en kinderen zochten er bescherming tegen de oprukkende Ottomanen.

Het klooster werd belegerd door 15.000 Ottomanen die eisten dat de Kretenzers zich zouden overgeven. De 259 gewapende mannen in het klooster weigerden en er ontstond een hevige strijd. Uiteindelijk waren de rebellen niet opgewassen tegen de overmacht van de Ottomanen en bijna alle Kretenzers werden gedood.

In het klooster hadden zo’n 700 vrouwen en kinderen zich verstopt in een opslagruimte waar normaal gesproken voedsel en olijfolie werd bewaard, maar nu buskruit en explosieven lagen. Konstantinos Giaboudakis, een van de rebellen, verzamelde alle mensen die zich in de aangrenzende kamers verborgen hielden. Om te voorkomen dat ze gevangengenomen zouden worden door de Ottomanen die inmiddels in het klooster waren, gaf hij opdracht om al het opgeslagen buskruit en explosieven bij elkaar te leggen.

De verzetsstrijders bliezen vervolgens het klooster – en zichzelf – op. De Kretenzers stierven liever in vrijheid, dan te leven in gevangenschap. Bij de explosie kwamen ook 1500 Ottomaanse soldaten om.

in 2016 bracht Griekenland een speciale munt van 2 euro uit met een afbeelding van het Arkadi-klooster, om te herdenken van het drama zich 150 jaar geleden voltrok.


‘Drama van Arkadi’ herdacht met 2 euromunt

20 december 2016

2016-2-euro-arkadi
Griekenland brengt een speciale herdenkingsmunt van 2 euro uit met een afbeelding van het Arkadi-klooster op Kreta, waar 150 jaar geleden honderden verzetsstrijders omkwamen.

Het Arkadi-klooster speelde een belangrijke rol in de onafhankelijkheidsstrijd van de Kretenzers tegen de Ottomaanse overheersers. Op 8 november 1866 vond er een grote tragedie plaats, één van de bloedigste uit de moderne geschiedenis van Griekenland. De Kretenzische rebellen gebruikten het klooster als schuilplaats: bijna duizend mannen, vrouwen en kinderen zochten er bescherming tegen de oprukkende Ottomanen.

Het klooster werd belegerd door de Ottomanen, maar ondanks de dreigende nederlaag weigerden de Kretenzers zich over te geven.  Om te voorkomen dat ze gevangengenomen zouden worden, gaf de abt van het klooster opdracht om al het opgeslagen buskruit en explosieven te verzamelen. De verzetsstrijders bliezen vervolgens het klooster – en zichzelf – op. Ze stierven liever in vrijheid,  dan te leven in gevangenschap.  Bij de explosie kwamen ook  1500 Ottomaanse soldaten om.

Op de voorkant van de speciale 2 euromunt staat een afbeelding van het klooster en de naam in Grieks schrift. Op beide zijden van de munt staan de 12 sterren van de Europese vlag.  In totaal worden er 750.000 munten in omloop gebracht.

Elk euroland mag maximaal twee keer per jaar een speciale herdenkingsmunt ontwerpen, met een onderwerp naar keuze.

Vorig jaar bracht Griekenland een 2 euromunt uit ter ere van de 75e sterfdag van Spyridon Louis, winnaar van de eerste marathon op de moderne Olympische Spelen. In 2014  werden speciale munten geslagen vanwege het 150-jarig bestaan van de Unie van Ionische eilanden en de 400e sterfdag van de schilder El Greco.


De Griekse Onafhankelijkheidsoorlog van 1821

25 maart 1900

Enkele belangrijke figuren uit de Griekse Onafhankelijkheidsoorlog

(klik op een afbeelding om de galerij te openen)

Op 25 maart 1821 verklaart Griekenland zich onafhankelijk van het Ottomaanse Rijk. De Metropoliet Germanos van Patras hijst op die dag de nieuwe Griekse vlag en zou daarbij Ελευθερία ή θάνατος (Vrijheid of de dood) hebben geroepen. Twee dagen eerder al was Kalamata als eerste stad, onder het bevel van de generaals Theodoros Kolokotronis, Petros Mavromichalis en Papaflessas in opstand gekomen.

Het is het begin van de Onafhankelijkheidsoorlog tegen de Ottomanen, die het land meer dan 400 jaar in hun greep houden. Na de val van het Byzantijnse Rijk in 1453 komen de Grieken onder het bewind van de Turken. Orthodoxe christenen krijgen weliswaar een aantal politieke rechten onder Ottomaanse heerschappij, maar ze worden als inferieure onderdanen beschouwd.

Een Griekse vrijheidsstrijder (kleft )

Als niet-moslim moeten ze hoge belastingen betalen, worden ze vernederd en gedwongen om moslim te worden. Ook moeten ze één op de vijf zoons afstaan om te dienen in het korps van de Janitsaren – de elitie-eenheid van het Ottomaanse leger. Tijdens de Ottomaanse periode zouden ongeveer één miljoen Griekse jongens zijn ingelijfd bij dit keurkorps.

123 opstanden

In de 18e eeuw wordt de situatie iets draaglijker en krijgen de Grieken wat meer priviliges. Zo kunnen er Grieken worden benoemd in bestuursfuncties en mogen ze een handelsvloot hebben (die vaak onder Russische vlag vaart). Om zich te kunnen wapenen tegen piraten, hebben de handelsschepen kanonnen aan boord, waardoor een sterke vloot ontstaat.

Het verzet tegen de overheersers blijft intussen onverminderd groot. Tijdens het Ottomaanse bewind komen de Grieken vele malen in opstand, voor het eerst in 1481. Voordat op 25 maart 1821 de Griekse Onafhankelijkheidsoorlog begint, hebben ze al 123 keer eerder de wapens ter hand genomen. Veel boeren vluchten de bergen in als hun dorp wordt geplunderd door de Turken. In de onherbergzame gebieden zijn deze κλέφτες (letterlijk: “dieven” of “rovers”) actief als ondergrondse strijders voor de vrijheid.

Filiki Eteria

Op 14 september 1814 wordt de Filiki Eteria (Genootschap van Vrienden) opgericht. Het is een geheime Griekse organisatie die als doel heeft om de Ottomaanse overheersing omver te werpen en een onafhankelijke Griekse staat te vestigen. Leden zijn voornamelijk jonge Phanariotische Grieken uit Constantinopel en het Russische rijk en lokale politieke en militaire leiders van het Griekse vasteland en de eilanden. Hun motto luidt: Ελευθερία ή θάνατος, vrijheid of de dood. In het voorjaar van 1821 achten zij de tijd rijp voor een revolutie en de Peloponnesos zou het hart van de opstand worden.

Het embleem van Filiki Eteria

Het nieuws van de Griekse revolutie wordt met ontzetting begroet door de conservatieve leiders van Europa, maar veel gewone burgers zijn enthousiast. Filhellenen uit heel Europa kiezen openlijk de kant van de Grieken, waaronder de dichters Lord Byron en Percy Shelley, schrijver Victor Hugo en kunstschilder Eugene Delacroix.

Genootschappen van filhellenen sturen geld, wapens en vrijwilligers om de Grieken te steunen. Lord Byron meldt  zich in 1824 als vrijwilliger in het belegerde Messolóngi, waar hij drie maanden later aan de malaria bezwijkt.

Het nieuws van de Griekse revolutie wordt met ontzetting begroet door de conservatieve leiders van Europa, maar veel gewone burgers zijn enthousiast. Filhellenen uit heel Europa kiezen openlijk de kant van de Grieken, waaronder de dichters Lord Byron en Percy Shelley, schrijver Victor Hugo en kunstschilder Eugene Delacroix. Genootschappen van filhellenen sturen geld, wapens en vrijwilligers om de Grieken te steunen.

Bloedbad van Chios

De Ottomanen zijn niet opgewassen tegen de Griekse opstanden en ze roepen de hulp in van Egypte. De Ottomaanse vloot, onder leiding van Kara Ali, grijpt in met meedogenloze wreedheid. Op het eiland Chios worden in 1822 25.000 mensen vermoord en 45.000 anderen (voornamelijk vrouwen en kinderen) als slaaf verkocht. De Grieken, onder leiding van admiraal Konstantinos Kanaris, blazen als wraakactie het schip van Kara Ali op.

Schilderij ‘Het bloedbad op Chios’ van Eugene Delacroix (1824)

De Ottomanen veroveren de Peloponnesos, net als Midden-Griekenland. In 1826 vallen ook Athene en de sterke vesting Messolongion in handen van Ibrahim Pasja, de veldheer van Mehmed Ali van Egypte. De Griekse opstand lijkt gesmoord. Maar in 1827 keren de kansen voor de Grieken als Rusland, Frankrijk en Engeland te hulp schieten. Samen brengen ze de Turks-Egyptische vloot een nederlaag toe in de Zeeslag bij Navarino. De Turken worden verdreven van de Peloponnesos en uit Midden-Griekenland.

Ioannis Kapodistrias

Dit bevrijde gebied wordt in 1828 een republiek onder Ioannis Kapodistrias, die tot eind 1829 de eerste gouverneur van het onafhankelijke Griekenland is. Uiteindelijk wordt na moeizame onderhandelingen de onafhankelijkheid van Griekenland in 1832 door het Congres van Londen officieel erkend.