Zaak rond brandstichting Marfin Bank heropend

1 april 2021

Het Openbaar Ministerie in Athene heropent het onderzoek naar de brandstichting bij een filiaal van de Marfin Bank in de Griekse hoofdstad die in 2010 het leven kostte aan drie mensen.

De zaak wordt heropend omdat er nieuw bewijsmateriaal is opgedoken dat personen kan identificeren die bij de aanval betrokken waren, meldt de krant Kathimerini.

Op 5 mei 2010 ontstond brand in het bankfiliaal nadat onbekenden molotovcocktails naar het gebouw gooiden tijdens een grote demonstratie tegen het eerste bezuinigingsakkoord dat Griekenland een paar dagen eerder met zijn schuldeisers had ondertekend.

Het vuur verspreidde zich snel en hoewel de meeste personeelsleden op tijd naar buiten konden komen, zaten enkele mensen gevangen in het gebouw. Drie medewerkers, waaronder een zwangere vrouw, kwamen om door verstikking.

Vorg jaar onthulde de Griekse president Katerina Sakellaropoulou een plaquette ter nagedachtenis aan de slachtoffers van de brand.


Marfin Bank-slachtoffers herdacht

9 mei 2020

[klik om de galerij te openen]

De Griekse president Katerina Sakellaropoulou heeft vandaag in Athene een plaquette onthuld ter nagedachtenis aan de drie medewerkers van Marfin Bank die om het leven kwamen bij een brand in hun filiaal tijdens een protestmars op 5 mei 2010.

De brand ontstond nadat onbekenden molotovcocktails naar het gebouw gooiden tijdens een grote demonstratie tegen het eerste bezuinigingsakkoord dat Griekenland een paar dagen eerder met zijn schuldeisers had ondertekend. Het vuur verspreidde zich snel en hoewel de meeste personeelsleden op tijd naar buiten konden komen, zaten enkele mensen gevangen in het gebouw.

Sommigen werknemers renden in paniek naar de balkons. Beneden op straat scandeerden diverse mensen ‘Verbrand!’ naar de bankemployees omdat ze toch naar hun werk waren gegaan ondanks een oproep voor een algemene staking op die dag. Angeliki Papathanassopoulou (32) die vier maanden zwanger was, Paraskevi Zoulia (35) en Epaminondas Tsakalis (36) konden niet worden gered en stierven door verstikking.

Premier Kyriakos Mitsotakis kondigde eerder deze week aan dat het onderzoek naar het incident, waarvoor niemand is aangeklaagd, wordt heropend. Hij zei ook dat de staat het beroep intrekt tegen de 2,4 miljoen euro die aan de families van de slachtoffers wordt toegekend als compensatie.

Tsipras: ‘Ik veroordeel geweld, maar ook hypocrisie’

Premier Mitsotakis was ook aanwezig bij de onthulling van de plaquette. Syriza-leider Alexis Tsipras en de leider van de communistische partij KKE, Dimitris Koutsoumbas, legden eerder op de dag een krans voor de slachtoffers van de brand.

“Bij deze gelegenheid uiten we nogmaals onze veroordeling van geweld. We veroordelen ondubbelzinnig geweld, vooral geweld tegen het kostbaarste goed: het menselijk leven”, zei Tsipras bij de kranslegging. “Toch ben ik vandaag helaas ook verplicht om niet alleen geweld maar ook hypocrisie ondubbelzinnig te veroordelen”, voegde hij er aan toe.

De oppositieleider wees er op dat premier Mitsotakis slechts een paar maanden voordat hij besloot de plaquette te plaatsen, het ministerie van Burgerbescherming en het ministerie van Arbeid had opgedragen om in beroep te gaan tegen een uitspraak van de rechtbank die de families van de slachtoffers een schadevergoeding had toegekend.


Aegean Airlines en Olympic Air gaan fuseren

23 oktober 2012

De Griekse luchtvaartmaatschappij Aegean Airlines koopt  binnenlandse concurrent Olympic Air voor 72 miljoen euro.

De bedrijven hopen door de fusie de economische neergang beter op te kunnen vangen. Beide maatschappijen leden vorig jaar verlies.

Olympic is de voormalige staatsmaatschappij van Griekenland en werd na een privatisering in 2009 overgenomen door het investeringsfonds Marfin. Olympic werd in 1957 opgericht door de Griekse scheepsmagnaat Aristoteles Onassis.

Het fusiebedrijf heeft een vloot van 50 toestellen. De twee bedrijven blijven vliegen onder de eigen naam en behouden hun logo’s.

In 2010 wilden Aegean en Olympic ook al fuseren, maar dat werd in januari 2011 tegengehouden door de EU omdat het zou leiden tot een ‘quasi-monopolie’ op de Griekse markt voor luchttransport. Dat is in strijd met de EU-regels.