Mikis Theodorakis (96) overleden

2 september 2021

(klik op een afbeelding voor een vergroting)

De Griekse componist en politiek activist Mikis Theodorakis is op 96-jarige leeftijd overleden in zijn huis in de wijk Makryanni in Athene. Hij kampte al een tijd met een zwakke gezondheid en werd de afgelopen jaren meerdere keren opgenomen in een ziekenhuis met hartklachten.

 In Griekenland zijn drie dagen van nationale rouw afgekondigd. Op alle openbare gebouwen hangen de vlaggen hangen halfstok en alle openbare feestelijke evenementen worden uitgesteld. Het publiek kan op 7, 8 en 9 september afscheid nemen van Theodorakis in de kathedraal van Athene, waar de componist wordt opgebaard. De uitvaart is op 9 september.

Muziek en politiek

Mikis Theodorakis werd op 29 juli 1925 geboren op Chios. Hij studeerde aan het conservatorium in Athene waar hij in 1950 afstudeerde en vertrok daarna naar Parijs om daar aan het conservatorium muziekanalyse te studeren. Behalve muziek speelde ook politiek een belangrijke rol in het leven van Theodorakis.

Tijdens de Tweede Wereldoorlog was Theodorakis actief in het verzet. Tijdens de Griekse Burgeroorlog (1946-49) werd hij – als communistische tegenstander van het regime – gearresteerd, verbannen naar het eiland Ikaria en vervolgens gedeporteerd naar het eiland Makronisos waar hij werd gemarteld en tweemaal levend werd begraven.

Onder het kolonelsregime (1967 – 1974) was de muziek van Theodorakis verboden. De componist zelf werd gearresteerd en in 1970 verbannen. Tijdens zijn verbanning bleef hij een onvermoeid voorvechter van de strijd tegen de junta.

Na de val van het kolonelsregime in 1974 keerde Theodorakis terug naar Griekenland en werd hij actief in de politiek. Hij zat twee periodes (1981–1986 en 1989–1993) in het Griekse parlement. Van 1990 tot 1992 was hij minister in de regering van Konstantinos Mitsotakis. Ondanks zijn hoge leeftijd en zwakke gezondheid probeerde Theodorakis politiek actief te blijven. In februari 2018 was hij een van de sprekers op een groot ‘Macedonië is Grieks’-protest in Athene.

Zorba de Griek

In het buitenland is hij vooral bekend als componist van de muziek voor de films ‘Zorba de Griek’ (1964) en ‘Serpico’ (1973). In Griekenland is de muziek van Theodorakis nationaal cultuurgoed. Hij componeerde ook de Mauthausen-trilogie, dat wordt omschreven als het ‘mooiste muzikale stuk dat werd geschreven over de Holocaust’.

Theodorakis schreef meer dan 1000 nummers, die niet alleen door Griekse zangers werden vertolkt. Zijn liedjes werden ook uitgevoerd door bekende internationale artiesten, zoals The Beatles, Shirley Bassey en Edith Piaf.

Hij componeerde de partituren voor films als ‘Z’ (1969), die de BAFTA-prijs voor originele muziek won en ‘Phaedra’ (1962). Voor de muziek van ‘Serpico’ (1973) werd Theodorakis in 1975 genomineerd voor een Grammy Award. In 1966 won hij een Grammy voor zijn muziek in ‘Zorba the Greek’.

Ter ere van zijn 96e verjaardag werd deze zomer de speciale tentoonstelling ‘My Galaxy’ samengesteld. Op de expositie zijn voor het eerst originele documenten uit het Theodorakis-archief te zien, omlijst door zeldzaam audiovisueel materiaal.


President legt krans voor 47e verjaardag herstel Griekse democratie

24 juli 2021

President Katerina Sakellaropoulou heeft vandaag een krans gelegd om de de 47e verjaardag van het herstel van de democratie in Griekenland te herdenken.

Ze deed dat tijdens een ceremonie in Eleftherias Park, in het voormalige detentiecentrum van EAT-ESA in het centrum van Athene. Sakellaropoulou legde een krans bij de buste van Spyros Moustaklis, een legerofficier die werd vervolgd en gemarteld vanwege zijn actieve verzet tegen de junta.

Op 24 juli 1974 – ruim zeven jaar nadat kolonels de macht hadden gegrepen – werd de democratie in Griekenland hersteld. Deze mijlpaal in de moderne Griekse geschiedenis wordt ieder jaar herdacht.

Later vandaag is er in de tuin van de presidentiële residentie de traditionele receptie. Sakellaropoulou ontvangt daar onder anderen politici en vertegenwoordigers van de Griekse verzetsbeweging, de kunstwereld, gezondheidszorg en de strijdkrachten.

Speciale genodigden zijn Magda Fyssas (de moeder van rapper Pavlos Fyssas die in 2013 werd vermoord door een lid van de extreemrechtse partij Gouden Dageraad), Stavroula Axarlian (de moeder van Thanos Axarlian die in 1992 werd vermoord door de terroristische groepering 17 november) en Sofia Bekatorou (de Olympisch zeilkampioene die in 2020 naar buiten bracht dat ze in 1998 seksueel misbruikt was door een Griekse official).

Staatsgreep

Het logo van de junta

In de nacht van 20 op 21 april 1967 pleegde een groep rechtse legerofficieren onder leiding van brigadegeneraal Stylianos Pattakos en de kolonels George Papadopoulos en Nikolaos Makarezos een staatsgreep in Griekenland. Toen de ochtend aanbrak was Griekenland in handen van de militairen en zaten alle vooraanstaande politici, inclusief premier Panagiotis Kanellopoulos, vast.

De grootste bondgenoot van de Griekse junta waren de Verenigde Staten (die ook wapens leverden aan het kolonelsregime) die het rechtse regime prefereerden boven een linkse regering. In mei 1967 stonden namelijk verkiezingen gepland in Griekenland en het had er alle schijn van dat de centrumlinkse partij van voormalig premier Georgios Papandreou als winnaar uit de bus zou komen.

De junta voerde een zwaar repressief regime: de persvrijheid werd afgeschaft, van communisten werd het staatsburgerschap afgenomen en er werd een avondklok ingesteld. Mensen met linkse sympathieën of kritiek op het regime verdwenen achter tralies of werden naar strafkampen op de eilanden gestuurd. Ook theater, muziek en andere culturele uitingen kwamen op een zwarte lijst te staan.

De val van de junta

De studentenopstand van 17 november 1973 geldt als het hoogtepunt van het verzet tegen het kolonelsregime. De opstand op de Polytechnische Universiteit in Athene werd met grof geweld neergeslagen toen het leger met tanks het gebouw bestormde. Volgens officiële cijfers zijn bij deze actie van het leger 24 mensen omgekomen, maar het werkelijke aantal doden ligt vermoedelijk hoger.

Na de studentenopstand deed Dimitrios Ioannidis, een van de juntaleiders, een greep naar de macht. In 1974 organiseerde Ioannidis een staatsgreep op Cyprus. Het kolonelsregime was een aanhanger van het zogenaamde Enosis-gedachte, het streven naar de aansluiting van Cyprus bij ‘moederland’ Griekenland”. Deze coup zou de aanleiding worden voor de Turkse invasie op het eiland – en uiteindelijk ook de val van de Griekse militaire dictatuur inleidde.

‘Metapolitefsi’

Op 23 juli 1974 gaf Ioannidis zijn macht op. Een dag later arriveerde de doorgewinterde politicus Konstantinos Karamanlis, die tijdens de junta in een zelfgekozen ballingschap in Parijs verbleef, in Griekenland en hij vormde onmiddellijk een regering van nationale eenheid. Daarmee begon in Griekenland het proces van overgang van een militair bewind naar een pluralistische democratie.

Konstantinos Karamanlis spreekt het volk toe

Deze overgangsperiode (bekend als de ‘Metapolitefsi’) leidde uiteindelijk tot de oprichting van de Derde Helleense Republiek – het huidige Griekenland.

Bij de parlementsverkiezingen op 17 november 1974 behaalde Karamanlis met zijn nieuw gevormde conservatieve partij Nea Dimokratia 54,4 procent van de stemmen en werd hij verkozen tot premier.


Zanger Antonis Kalogiannis (80) overleden

11 februari 2021

De populaire Griekse zanger Antonis Kalogiannis is vandaag thuis in Athene overleden aan een hartstilstand. Dat heeft zijn familie bekend gemaakt. Hij werd 80 jaar.

Kalogiannis werd op 3 augustus 1940 geboren in de Atheense wijk Kaisariani, waar hij ook zijn jeugd doorbracht. Hij werkte als schoenmaker toen hij in 1966 voor het eerst optrad als zanger. In datzelfde jaar veranderde een ontmoeting met Mikis Theodorakis zijn hele leven.

Theodorakis was direct onder de indruk van Kalogiannis’ krachtige stem en de beroemde componist vroeg hem mee op tournee door Griekenland, Europa en de Sovjet-Unie.

Toen in 1967 de militaire junta de macht greep in Griekenland, vertrok Kalogiannis met zangeres Maria Farantouri naar het buitenland. Met optredens in verschillende landen vestigden zij de aandacht op de politieke situatie in Griekenland.

In 1972 keerde Kalogiannis terug naar Griekenland, waar hij optrad in verschillende bars in de Atheense wijk Plaka. Na de val van het kolonelsregime in 1974 zong hij weer voor Theodorakis tijdens grote concerten

Tijdens zijn carrière – die vier decennia bestreek – werkte Kalogiannis ook samen met vele andere beroemde Griekse componisten, waaronder Marios Tokas, Takis Mousafiris, Argyris Kounadis en Giorgos Hatzinasios.

Naast zijn verzetsballads en vertolkingen van ontroerende werken van grote Griekse dichters, waaronder Yiannis Ritsos en Giorgos Seferis, stond Kalogiannis ook bekend om zijn meeslepende liefdesliedjes. In 1997 bracht hij zijn laatste studio-album uit: Ιστορίες αγγέλων (Verhalen van engelen).

De laatste jaren kampte Kalogiannis met gezondheidsproblemen.


Oud-minister Valyrakis dood gevonden op zee

25 januari 2021

Voormalig minister en verzetsstrijder tegen de Griekse militaire dictatuur Sifis Valyrakis is gisteravond dood gevonden op zee. Hij werd 77 jaar.

Valyrakis was gaan varen met zijn opblaasboot voor de kust van Evia, waar zijn gezin een vakantiehuis heeft. Zijn vrouw sloeg alarm toen hij niet terugkeerde. De Griekse kustwacht trof ’s middags eerst de lege boot aan, later op de avond werd het lichaam van Valyrakis 1,5 kilometer verderop gevonden.

De officiële doodsoorzak is nog niet bekend. Volgens een woordvoerder van de kustwacht waren de omstandigheden op zee ‘goed’.

Iosif (Sifis) Valyrakis werd op 12 maart 1943 geboren in Chania op Kreta als zoon van een officier in het Griekse leger . Hij studeerde elektrotechniek in Duitsland en Zweden. Toen in 1967 een militaire junta de macht greep in Griekenland, sloot hij zich aan bij de Panhelleense Bevrijdingsbeweging, de verzetsgroep van de latere premier Andreas Papandreou.

Tijdens de dictatuur werd hij getraind in guerrillatactieken in een PLO-trainskamp in Libanon. Valyrakis pleegde verschillende bomaanslagen op het kolonelsregime, maar daarbij vielen geen slachtoffers.

Tweemaal ontsnapt uit gevangenis

In 1971 werd hij gearresteerd en gemarteld door de militaire politie. Valyrakis ontsnapte naar eigen zeggen door de tralies in zijn cel door te zagen en kortsluiting te veroorzaken in de beruchte militaire gevangenis in Athene. Uiteindelijk probeert hij te vluchten door zich liggend op het dak van een trein te verstoppen. Aan de Grieks-Joegoslavische grens wordt hij ontdekt en gevangen gezet op Corfu.

Ook uit de gevangenis op Corfu weet Valyrakis dat zelfde jaar te ontsnappen en hij zwemt naar het communistische Albanië – een afstand van zo’n 3 kilometer. Daar wordt hij daar gearresteerd omdat de Albanezen denken dat hij een spion van het Griekse regime is en ze veroordelen hem tot drie jaar dwangarbeid. Andreas Papandreou gebruikt zijn contacten om Valyrakis weer vrij te krijgen.

Socialistische regeringen

Tussen 1981 en 1996 maakte Valyrakis als staatssecretaris en minister deel uit van vier socialistische regeringen onder leiding van Andreas Papandreou. Hij was staatssecretaris voor Transport en Communicatie (1981-1985), minister van Sport (1985-1988) en staatssecretaris van Openbare Orde (1988-1989). Van maart 1995 tot januari 1996 was hij minister van Openbare Orde, belast met de veiligheids- en inlichtingendiensten.

Vanwege zijn training in een PLO-kamp verdachten enkele Amerikaanse functionarissen Valyrakis ervan dat hij een van de oprichters was van de terreurorganisatie 17 November. De organisatie was actief tussen 1975 en 2002 en pleegde aanslagen op Amerikaanse doelen in Griekenland. In januari 2009 werd hij gearresteerd en enkele uren vastgehouden op de luchthaven JFK in New York omdat zijn visum onderweg was ingetrokken. Valyrakis heeft de beschuldigingen altijd ontkend.


Mikis Theodorakis viert 95e verjaardag

29 juli 2020

(klik op een afbeelding voor een veroting)

Meer dan 1000 nummers schreef Mikis Theodorakis (1925, Chios). In het buitenland is hij vooral bekend als componist van de muziek voor de films Zorba de Griek (1964) en Serpico (1973). In Griekenland is de muziek van Theodorakis nationaal cultuurgoed.

Hij componeerde ook de Mauthausen-trilogie, dat wordt omschreven als het ‘mooiste muzikale stuk dat werd geschreven over de Holocaust’.

Tijdens de Tweede Wereldoorlog was Theodorakis actief in het verzet. Tijdens de Griekse Burgeroorlog (1946-49) werd hij – als communistische tegenstander van het regime – werd hij gearresteerd, in verbannen naar het eiland Ikaria en vervolgens gedeporteerd naar het eiland Makronisos, waar hij werd gemarteld en tweemaal levend werd begraven.

Onder het kolonelsregime (1967 – 1974) was de muziek van Theodorakis verboden. De componist zelf werd gearresteerd en in 1970 verbannen. Tijdens zijn verbanning bleef hij een onvermoeid voorvechter van de strijd tegen de junta.

Na de val van het kolonelsregime in 1974 keerde Theodorakis terug naar Griekenland en werd hij actief in de politiek. Hij zat twee periodes (1981–1986 en 1989–1993) in het Griekse parlement. Van 1990 tot 1992 was hij minister in de regering van Konstantinos Mitsotakis.

Zwakke gezondheid

Theodorakis kampt al een tijd met een zwakke gezondheid en werd de afgelopen jaren meerdere keren opgenomen in een ziekenhuis met hartklachten. In augustus 2018 belandde hij na een hartaanval op de intensive care, waar hij enkele dagen moest blijven. Ook in februari vorig jaar verbleef de componist enige tijd in het ziekenhuis met hartklachten.

Ondanks zijn hoge leeftijd en zwakke gezondheid probeert Theodorakis politiek actief te blijven. In februari 2018 was hij een van de sprekers op een groot ‘Macedonië is Grieks’-protest in Athene. Onlangs bekritiseerde hij de Griekse regering omdat ze geen muzikanten steunt die door de coronapandemie hun werk verloren.

De Nationale Opera geeft vanavond om 20.30 uur een jubileumconcert ter ere van Theodorakis’ 95e verjaardag. Het concert wordt gehouden op het Thissio-plein in Athene en is gratis toegankelijk (reserveren verplicht)


President herdenkt herstelling Griekse democratie

24 juli 2020

President Katerina Sakellaropoulou heeft vandaag de 46e verjaardag van de herstelling van de democratie in Griekenland herdacht.

Ze deed dat door een krans te leggen in het voormalige detentiecentrum van een ondervragingseenheid van de militaire politie (EAT/ESA) dat werd gebruikt tijdens de junta.

Op 24 juli 1974 – ruim zeven jaar nadat kolonels de macht hadden gegrepen – werd de democratie in Griekenland hersteld. Deze mijlpaal in de moderne Griekse geschiedenis wordt ieder jaar herdacht.

‘Gevochten voor democratie en vrijheid’

“Vandaag is een dag van eer en herdenking voor al degenen die vochten, werden gemarteld en verbannen, zodat wij van de voordelen van democratie kunnen genieten”, aldus de president. “Zij vochten voor democratie, voor vrijheid, voor mensenrechten. En we moeten ze niet alleen eren, maar ook deze herinnering levend houden, zodat we dergelijke momenten nooit meer beleven”, benadrukte ze.

Na de kranslegging bij de buste van Spyros Moustaklis, een legerofficier die werd vervolgd en gemarteld vanwege zijn actieve verzet tegen de junta. werd Sakellaropoulou rondgeleid door het Museum van het Anti-dictatuur Democratisch Verzet.

Staatsgreep 1967

In de nacht van 20 op 21 april 1967 pleegde een groep rechtse legerofficieren onder leiding van brigadegeneraal Stylianos Pattakos en de kolonels George Papadopoulos en Nikolaos Makarezos een staatsgreep.

De junta voerde een zwaar repressief regime: de persvrijheid werd afgeschaft, van communisten werd het staatsburgerschap afgenomen en er werd een avondklok ingesteld. Mensen met linkse sympathieën of kritiek op het regime verdwenen achter tralies of werden naar strafkampen op de eilanden gestuurd. Ook theater, muziek en andere culturele uitingen kwamen op een zwarte lijst te staan.

De studentenopstand van 17 november 1973 geldt als het hoogtepunt van het verzet tegen het kolonelsregime. Na de studentenopstand deed Dimitrios Ioannidis, een van de juntaleiders, een greep naar de macht. In 1974 organiseerde hij een staatsgreep op Cyprus.

Het kolonelsregime was een aanhanger van het zogenaamde Enosis-gedachte, het streven naar de aansluiting van Cyprus bij ‘moederland’ Griekenland”. Deze coup zou de aanleiding worden voor de Turkse invasie op het eiland – en uiteindelijk ook de val van de Griekse militaire dictatuur inleidde.

‘Metapolitefsi’

Op 23 juli 1974 gaf Ioannidis zijn macht op. Een dag later arriveerde de doorgewinterde politicus Konstantinos Karamanlis, die tijdens de junta in een zelfgekozen ballingschap in Parijs verbleef, in Griekenland en hij vormde onmiddellijk een regering van nationale eenheid. Daarmee begon in Griekenland het proces van overgang van een militair bewind naar een pluralistische democratie.

Deze overgangsperiode (bekend als de ‘Metapolitefsi’) leidde uiteindelijk tot de oprichting van de Derde Helleense Republiek – het huidige Griekenland.


Schrijver en activist Periklis Korovesis overleden

11 april 2020

Schrijver, journalist, activist en voormalig parlementslid Periklis Korovesis is na een kort ziekbed op 78-jarige leeftijd overleden in een ziekenhuis in Athene.

Korovesis was een symbool van verzet tegen de junta. Tijdens de militaire dictatuur van 1967-74 werd hij gearresteerd, gevangen gezet en in ballingschap gestuurd. Korovesis schreef een persoonlijk verslag over de fysieke en mentale marteling van dissidenten op het hoofdbureau van de veiligheidspolitie in Athene.

Dit boek – The Method: A Personal Account of the Tortures in Greece – toonde de wreedheden van de junta aan de rest van de wereld.  Het werd oorspronkelijk in het geheim uitgebracht, maar werd later in vele talen vertaald. De Griekse titel van het boek is ‘Ανθρωποφύλακες’ (Anthropofylakes – 1969).

Het verhaal van Korovesis was voor Amnesty International en de Raad van Europa een belangrijk getuigenis om aanklachten in te dienen tegen het kolonelsregime wegens de erbarmelijke behandeling van politieke gevangenen.

Korovesis werd op 20 juli 1941 geboren in Argostoli, op het eiland Kefalonia. Al op jonge leeftijd was hij actief in de democratische beweging. Hij publiceerde een aantal boeken en werkte als commentator voor verschillende kranten waaronder Eleftherotypia, Epohi en Efimerida ton Syntakton. Ook schreef hij korte verhhalen, toneelstukken (voor volwassenen en kinderen) en artikelen voor het tijdschrift Galera

In 1998 werd Korovesis gekozen tot gemeenteraadslid van de stad Athene, in 2007 werd hij verkozen tot parlementslid voor SYRIZA. Korovesis maakte zich sterk voor mensenrechten, immigranten, milieukwesties en Griekse diaspora.


Herdenking studentenopstand 1973

17 november 2019

Griekenland herdenkt vandaag de studentenopstand van 17 november 1973, die gericht was tegen het militaire dictatoriale regime en leidde tot de herinvoering van democratie in het land.

De Griekse president Prokopios Pavlopoulos noemde de studentenopstand gisteren een constante bron van inspiratie voor vrijheid. “We zijn verplicht om voortdurend te vechten voor vrijheid en democratie. En om een ferm ‘nee’ te zeggen tegen elke vorm van tirannie en een groot ‘ja’ tegen het volk en hun fundamentele rechten”, aldus Pavlopulos.

Oud-premier Alexis Tsipras loopt vandaag ook mee in de protestmars naar de Amerikaanse ambassade in Athene. Het is de eerste keer dat een voormalig premier van de partij is. In een post op Facebook zegt Tsipras dat er dit jaar veel redenen zijn om deel te nemen aan de mars.

“Niet alleen omdat de oude junta-sympathisanten niet langer alleen aan de zijlijn staan, maar ook in de regering zitten. En ook omdat repressie is opgewaardeerd naar regeringsbeleid”, schrijft de leider van Syriza. “We zullen er vooral zijn om een boodschap van verzet te sturen tegen de golf van conservatisme en regressie.”

‘Dit is de Polytechneion!’

In de vroege ochtend van 17 november 1973 brak een tank door de poort van de Polytechnische School in Athene. Het was een reactie van de junta op het studentenprotest tegen het militaire regime dat op 14 november was begonnen. Ongeveer 1500 studenten hadden zich verschanst in het gebouw, waar ze een illegale radiozender bouwden die herhaaldelijk dezelfde boodschap uitzond in Athene: “Dit is de Polytechneion! Mensen van Griekenland, de Polytechneion is de vlaggendrager van onze gemeenschappelijke strijd tegen de dictatuur en voor de democratie!”

Een van de stemmen van deze beroemde “Εδώ Πολυτεχνείο”-radiouitzending die Griekse burgers opriep om de opstand te ondersteunen was de latere politica Maria Damanaki. Damanaki, die lid was van de jongerentak van de Griekse communistische partij, werd gearresteerd en gemarteld door het militaire regime.

Duizenden jongeren en arbeiders sloten zich aan bij de studentenprotesten en de spanningen namen steeds verder toe. Het leger drukte het studentenprotest na enkele dagen met geweld de kop in; de junta stuurde 25 tanks naar de Polytechnische School. Enkele minuten later crashte een tank door de poort van de hoofdingang, waarop enkele studenten waren geklommen. Volgens officiële cijfers zijn bij de actie van het leger 24 mensen omgekomen, maar het werkelijke aantal doden ligt vermoedelijk hoger. Tientallen mensen raakten gewond bij de invasie.

Protestmarsen

De studentenopstand geldt als hoogtepunt van het protest tegen het militaire dictatoriale regime en wordt ieder jaar in het hele land herdacht. Op 15 november wordt de campus in Athene gesloten en op 17 november wordt de herdenking afgesloten met protestmarsen.

De mars in Athene, waarbij een Griekse vlag wordt meegedragen waarop nog bloedsporen zichtbaar zijn, begint bij de Polytechnische School en eindigt traditiegetrouw bij de Amerikaanse ambassade. De VS steunden de junta die in Griekenland tussen 1967 en 1974 aan de macht was. Ook worden er ieder jaar kransen gelegd bij de Polytechnische School.


Nieuwe regering schrapt wet op ‘universiteitsasiel’

9 augustus 2019

Griekse universiteiten zijn niet langer een no-go zone voor de politie. Het parlement heeft ingestemd met het afschaffen van de wet waarin dit was vastgelegd.

Critici noemen het besluit ‘een rem op de democratie’, maar volgens premier Kyriakos Mitsotakis is het een maatregel om wetteloosheid aan te pakken. Ex-premier Alexis Tsipras, nu de belangrijkste oppositieleider, beschuldigde zijn opvolger ervan geobsedeerd te zijn door de kwestie van de universiteiten.

Volgens Tsipras is het een poging om de openbare universiteiten van Griekenland te ondermijnen. “Nea Dimokratia heeft altijd die lijn gevolgd, om universiteiten geleidelijk te privatiseren en welzijn en onderzoek te ondermijnen”, zei hij.

Het afschaffen van de wet op ‘universiteitsasiel’ is een van de eerste acties van de nieuwe conservatieve regering. Tijdens de verkiezingscampagne zette Mitsotakis vol in op de kwestie van de openbare veiligheid. Zijn partij Nea Dimokratia vindt al langer dat wet over zijn houdbaarheidsdatum is, omdat hij ‘gekaapt wordt door criminele elementen’. Omdat de universiteiten grotendeels verboden terrein zijn voor de politie, zijn campussen vrijplaatsen geworden voor anarchisten, krakers en drugsdealers.

“Een doorsnee student ziet allerlei verschillende groepen die de dienst uitmaken op de faculteiten, hij ziet drugs en kelders vol benzinebommen en mensen met capuchons”, zei Mitsotakis in het parlement, verwijzend naar zelfbenoemde anarchisten. “We willen geen politie op de universiteit, maar we willen wel af van de hoodies die het leven van studenten bewaken.”

Studentenopstand 1973

De wet op ‘universiteitsasiel’ is een erfenis van de studentenopstand van 17 november 1973 die leidde tot de val van het dictatoriale kolonelsregime. De opstand werd met grof geweld de kop ingedrukt: bij de Polytechnische Universiteit reed een tank door de poort, waarbij minstens 24 doden vielen.

In 1982 werd een wet ingesteld die de politie grotendeels buiten de universiteit moest houden. De wet is sindsdien diverse keren ingetrokken en weer hersteld door verschillende regeringen. Hij werd voor het laatst hersteld in 2017, onder de regering van premier Tsipras.

 


24 juli 1974: het herstel van de Griekse democratie

24 juli 2019

Op 24 juli 1974 – ruim zeven jaar nadat kolonels de macht hadden gegrepen – werd de democratie in Griekenland hersteld. Deze mijlpaal in de moderne Griekse geschiedenis wordt ieder jaar herdacht.

President Prokopios Pavlopoulos legde vanmorgen in het Eleftherias Park een krans voor de buste van Spyros Moustaklis, een legerofficier die werd vervolgd en gemarteld vanwege zijn actieve verzet tegen de junta. Vanavond is in de tuin van de presidentiële ambstwoning de traditionele receptie, die zal worden bijgewoond door alle Griekse politieke leiders.

Staatsgreep

In de nacht van 20 op 21 april 1967 pleegde een groep rechtse legerofficieren onder leiding van brigadegeneraal Stylianos Pattakos en de kolonels George Papadopoulos en Nikolaos Makarezos een staatsgreep in Griekenland. Toen de ochtend aanbrak was Griekenland in handen van de militairen en zaten alle vooraanstaande politici, inclusief premier Panagiotis Kanellopoulos, vast.

De grootste bondgenoot van de Griekse junta waren de Verenigde Staten (die ook wapens leverden aan het kolonelsregime) die het rechtse regime prefereerden boven een linkse regering. In mei 1967 stonden namelijk verkiezingen gepland in Griekenland en het had er alle schijn van dat de centrumlinkse partij van voormalig premier Georgios Papandreou als winnaar uit de bus zou komen.

De junta voerde een zwaar repressief regime: de persvrijheid werd afgeschaft, van communisten werd het staatsburgerschap afgenomen en er werd een avondklok ingesteld. Mensen met linkse sympathieën of kritiek op het regime verdwenen achter tralies of werden naar strafkampen op de eilanden gestuurd. Ook theater, muziek en andere culturele uitingen kwamen op een zwarte lijst te staan.

De val van de junta

De studentenopstand van 17 november 1973 geldt als het hoogtepunt van het verzet tegen het kolonelsregime. De opstand op de Polytechnische Universiteit in Athene werd met grof geweld neergeslagen toen het leger met tanks het gebouw bestormde. Volgens officiële cijfers zijn bij deze actie van het leger 24 mensen omgekomen, maar het werkelijke aantal doden ligt vermoedelijk hoger.

Na de studentenopstand deed Dimitrios Ioannidis, een van de juntaleiders, een greep naar de macht. In 1974 organiseerde Ioannidis een staatsgreep op Cyprus. Het kolonelsregime was een aanhanger van het zogenaamde Enosis-gedachte, het streven naar de aansluiting van Cyprus bij ‘moederland’ Griekenland”. Deze coup zou de aanleiding worden voor de Turkse invasie op het eiland – en uiteindelijk ook de val van de Griekse militaire dictatuur inleidde.

‘Metapolitefsi’

Op 23 juli 1974 gaf Ioannidis zijn macht op. Een dag later arriveerde de doorgewinterde politicus Konstantinos Karamanlis, die tijdens de junta in een zelfgekozen ballingschap in Parijs verbleef, in Griekenland en hij vormde onmiddellijk een regering van nationale eenheid. Daarmee begon in Griekenland het proces van overgang van een militair bewind naar een pluralistische democratie.

Deze overgangsperiode (bekend als de ‘Metapolitefsi’) leidde uiteindelijk tot de oprichting van de Derde Helleense Republiek – het huidige Griekenland. Bij de parlementsverkiezingen op 17 november 1974 behaalde Karamanlis met zijn nieuw gevormde conservatieve partij Nea Dimokratia 54,4 procent van de stemmen en werd hij verkozen tot premier.