17 november: Herdenking studentenopstand 1973

17 november 2021

President Katerina Sakellaropoulou heeft vanmorgen een krans gelegd bij de Polytechnische School in Athene voor de herdenking van de studentenopstand van 17 november 1973.

De studentenopstand was het hoogtepunt van het verzet tegen de militaire dictatuur. “We eren de slachtoffers, de studenten en alle strijders die opkwamen tegen geweld en wetteloosheid. Hun opofferingen, evenals hun liefde voor vrijheid en democratie, inspireren ons nog steeds”, zei Sakellaropoulou.

De opstand wordt ieder jaar herdacht in Griekenland. Op 15 november wordt de campus in Athene gesloten en op 17 november wordt de herdenking afgesloten met protestmarsen. De mars in Athene, waarbij een Griekse vlag wordt meegedragen waarop nog bloedsporen zichtbaar zijn, begint bij de Polytechnische School en eindigt traditiegetrouw bij de Amerikaanse ambassade. De VS steunden de junta die in Griekenland tussen 1967 en 1974 aan de macht was.

17 november 1973

In de vroege ochtend van 17 november 1973 brak een tank door de poort van de Polytechnische School in Athene. Het was een reactie van de junta op het studentenprotest tegen het militaire regime dat op 14 november was begonnen. Ongeveer 1500 studenten hadden zich verschanst in het gebouw, waar ze een illegale radiozender bouwden die herhaaldelijk dezelfde boodschap uitzond in Athene: “Dit is de Polytechneion! Mensen van Griekenland, de Polytechneion is de vlaggendrager van onze gemeenschappelijke strijd tegen de dictatuur en voor de democratie!”

Een van de stemmen van deze beroemde “Εδώ Πολυτεχνείο”-radiouitzending die Griekse burgers opriep om de opstand te ondersteunen was de latere politica Maria Damanaki. Damanaki, die lid was van de jongerentak van de Griekse communistische partij, werd gearresteerd en gemarteld door het militaire regime.

24 doden

Duizenden jongeren en arbeiders sloten zich aan bij de studentenprotesten en de spanningen namen steeds verder toe. Het leger drukte het studentenprotest na enkele dagen met geweld de kop in; de junta stuurde 25 tanks naar de Polytechnische School. Enkele minuten later crashte een tank door de poort van de hoofdingang, waarop enkele studenten waren geklommen. Volgens officiële cijfers zijn bij de actie van het leger 24 mensen omgekomen.


Bevrijding van Athene herdacht

12 oktober 2021

President Katerina Sakellaropoulou was vanmorgen aanwezig bij het hijsen van de vlag bij op de Acropolis. Daarna legde ze een krans bij het Monument van de Onbekende Soldaat, als onderdeel van de herdenking van de bevrijding van Athene.

Het is vandaag 77 jaar geleden dat er een einde kwam aan de nazi-bezetting van Athene. Om 09.15 uur op 12 oktober 1944 verwijderden de Duitsers de vlag met de swastika van de Acropolis, waarmee het einde van de bezetting werd gemarkeerd. De avond ervoor waren de Duitse troepen al geleidelijk vertrokken uit de Griekse hoofdstad. In de straten van Athene leidde het vertrek van de bezetter tot grote vreugde.

Op 18 oktober arriveerde Georgios Papandreou in Athene als premier van de Griekse regering in ballingschap, met enkele eenheden van het Britse leger, en werd de Griekse vlag weer gehesen op de Acropolis. Later die maand zou Papandreou de regering van nationale eenheid gaan leiden.

Sommige delen van Griekenland, zoals op Kreta en andere eilanden, bleven echter tot mei of zelfs juni 1945 bezet door de Duitsers. Traditiegetrouw herdenken de Grieken de Oxi-dag op 28 oktober, maar sinds 2014 is er ook meer aandacht voor het vieren van de bevrijding.


1001004000939711

Meer lezen over de nazi-bezetting van Griekenland?

Bestel “Inside Hitler’s Greece – The Experience of Occupation, 1941-44” van Mark Mazower bij Bol.com


Moord op Pavlos Fyssas herdacht

18 september 2021

In Keratsini werd vandaag een mars gehouden om de sterfdag van Pavlos Fyssas te herdenken. De linkse muzikant werd acht jaar geleden vermoord door George Roupakias, een lid van de Gouden Dageraad.

Diverse linkse en antifascistische groepen kwamen bijeen bij het monument dat voor Fyssas werd opgericht op de plek waar hij werd vermoord. Daar werden ook bloemen gelegd. Magda Fyssa, de moeder van Pavlos, leidde de mars door Keratsini.

“We zijn nog niet klaar met het fascisme. We hebben een criminele organisatie, Gouden Dageraad, achter tralies gekregen maar het fascisme is er nog”, zei Magda Fyssa. Ze stond ook stil bij de dood van Andreas Tzellis, de advocaat die de familie Fyssas bijstond tijdens het Gouden Dageraad-proces. Hij overleed eerder deze week.

Moord op Fyssas en megaproces

De 34-jarige Pavlos Fyssas werd in de nacht van 17 op 18 september 2013 op straat doodgestoken door een aanhanger van de Gouden Dageraad. Fyssas was sinds 1997 actief in de Griekse hiphop-scene onder de naam Killah P en stond bekend als anti-fascist.

De moord op Fyssas leidde tot een omvangrijk politie-onderzoek naar de illegale activiteiten van de extreemrechtse partij Gouden Dageraad. Na een slepend megaproces werden in oktober vorig jaar 69 (oud)leden van de Gouden Dageraad, waaronder de complete partijtop, veroordeeld tot celstraffen. Eerder had de rechtbank al bepaald dat de partij een criminele organisatie was.

Giorgos Roupakias kreeg een levenslange gevangenisstraf voor de moord op Fyssas en nog eens 14 jaar gevangenisstraf wegens lidmaatschap van een criminele organisatie.


President Sakellaropoulou herdenkt zeeslag bij Gerontas

29 augustus 2021

President Katerina Sakellaropoulou heeft vandaag een bezoek gebracht aan Kalymnos voor de herdenking van de zeeslag bij Gerontas in 1824. Ze noemde de slag ‘een van de meest glorieuze pagina’s van de Griekse Revolutie’.

“Een handvol Griekse schepen leidde de Ottomaanse armada deze wateren in, dankzij de vaardigheid, moed en heldhaftigheid van de bemanning van de vuurschepen en hun kapiteins. Ze verjaagden de Turks-Egyptische vloot en hielden de vlam van vrijheid levend”, aldus de president na het bijwonen van een mis en het leggen van een krans. “De herinnering aan hun glorieuze overwinning zal ons bijblijven, ons leiden en inspireren.”

Sakellaropoulou gooide daarna vanaf een Grieks marineschip een krans in zee om de heldhaftige zeelieden te herdenken. Daarna bezocht ze op Kalymnos het monument voor de gevallen officieren op Imia. Ook bezocht Sakellaropoulou een tentoonstelling over de 200ste verjaardag van de Griekse Revolutie en het maritiem museum van Kalymnos.

29 augustus 1824

De Slag bij Gerontas werd op 29 augustus 1824 uitgevochten bij het eiland Leros in de zuidoostelijke Egeïsche Zee. Een Griekse vloot van 75 schepen versloeg een Ottomaanse armada van 100 schepen, waaraan ook Egypte, Tunesië en Tripoli aan hadden bijgedragen.

Het was een van de meest beslissende zeeslagen van de Griekse Onafhankelijkheidsoorlog en zorgde ervoor dat het eiland Samos onder Griekse controle stond.


Lees meer in het speciale Parakalo Dossier: 200 Jaar Griekse Onafhankelijkheidsoorlog (1821 – 2021)



President legt krans voor 47e verjaardag herstel Griekse democratie

24 juli 2021

President Katerina Sakellaropoulou heeft vandaag een krans gelegd om de de 47e verjaardag van het herstel van de democratie in Griekenland te herdenken.

Ze deed dat tijdens een ceremonie in Eleftherias Park, in het voormalige detentiecentrum van EAT-ESA in het centrum van Athene. Sakellaropoulou legde een krans bij de buste van Spyros Moustaklis, een legerofficier die werd vervolgd en gemarteld vanwege zijn actieve verzet tegen de junta.

Op 24 juli 1974 – ruim zeven jaar nadat kolonels de macht hadden gegrepen – werd de democratie in Griekenland hersteld. Deze mijlpaal in de moderne Griekse geschiedenis wordt ieder jaar herdacht.

Later vandaag is er in de tuin van de presidentiële residentie de traditionele receptie. Sakellaropoulou ontvangt daar onder anderen politici en vertegenwoordigers van de Griekse verzetsbeweging, de kunstwereld, gezondheidszorg en de strijdkrachten.

Speciale genodigden zijn Magda Fyssas (de moeder van rapper Pavlos Fyssas die in 2013 werd vermoord door een lid van de extreemrechtse partij Gouden Dageraad), Stavroula Axarlian (de moeder van Thanos Axarlian die in 1992 werd vermoord door de terroristische groepering 17 november) en Sofia Bekatorou (de Olympisch zeilkampioene die in 2020 naar buiten bracht dat ze in 1998 seksueel misbruikt was door een Griekse official).

Staatsgreep

Het logo van de junta

In de nacht van 20 op 21 april 1967 pleegde een groep rechtse legerofficieren onder leiding van brigadegeneraal Stylianos Pattakos en de kolonels George Papadopoulos en Nikolaos Makarezos een staatsgreep in Griekenland. Toen de ochtend aanbrak was Griekenland in handen van de militairen en zaten alle vooraanstaande politici, inclusief premier Panagiotis Kanellopoulos, vast.

De grootste bondgenoot van de Griekse junta waren de Verenigde Staten (die ook wapens leverden aan het kolonelsregime) die het rechtse regime prefereerden boven een linkse regering. In mei 1967 stonden namelijk verkiezingen gepland in Griekenland en het had er alle schijn van dat de centrumlinkse partij van voormalig premier Georgios Papandreou als winnaar uit de bus zou komen.

De junta voerde een zwaar repressief regime: de persvrijheid werd afgeschaft, van communisten werd het staatsburgerschap afgenomen en er werd een avondklok ingesteld. Mensen met linkse sympathieën of kritiek op het regime verdwenen achter tralies of werden naar strafkampen op de eilanden gestuurd. Ook theater, muziek en andere culturele uitingen kwamen op een zwarte lijst te staan.

De val van de junta

De studentenopstand van 17 november 1973 geldt als het hoogtepunt van het verzet tegen het kolonelsregime. De opstand op de Polytechnische Universiteit in Athene werd met grof geweld neergeslagen toen het leger met tanks het gebouw bestormde. Volgens officiële cijfers zijn bij deze actie van het leger 24 mensen omgekomen, maar het werkelijke aantal doden ligt vermoedelijk hoger.

Na de studentenopstand deed Dimitrios Ioannidis, een van de juntaleiders, een greep naar de macht. In 1974 organiseerde Ioannidis een staatsgreep op Cyprus. Het kolonelsregime was een aanhanger van het zogenaamde Enosis-gedachte, het streven naar de aansluiting van Cyprus bij ‘moederland’ Griekenland”. Deze coup zou de aanleiding worden voor de Turkse invasie op het eiland – en uiteindelijk ook de val van de Griekse militaire dictatuur inleidde.

‘Metapolitefsi’

Op 23 juli 1974 gaf Ioannidis zijn macht op. Een dag later arriveerde de doorgewinterde politicus Konstantinos Karamanlis, die tijdens de junta in een zelfgekozen ballingschap in Parijs verbleef, in Griekenland en hij vormde onmiddellijk een regering van nationale eenheid. Daarmee begon in Griekenland het proces van overgang van een militair bewind naar een pluralistische democratie.

Konstantinos Karamanlis spreekt het volk toe

Deze overgangsperiode (bekend als de ‘Metapolitefsi’) leidde uiteindelijk tot de oprichting van de Derde Helleense Republiek – het huidige Griekenland.

Bij de parlementsverkiezingen op 17 november 1974 behaalde Karamanlis met zijn nieuw gevormde conservatieve partij Nea Dimokratia 54,4 procent van de stemmen en werd hij verkozen tot premier.


Grieks parlement herdenkt slachtoffers Mati-brand

23 juli 2021

Het Griekse parlement heeft vandaag bij de opening van de plenaire vergadering een minuut stilte gehouden ter nagedachtenis aan de slachtoffers van de verwoestende bosbrand in Mati, vandaag drie jaar geleden.

Op 23 juli 2018 woedde rond de badplaats Mati – zo’n 30 kilometer ten oosten van Athene – een grote bosbrand die uiteindelijk aan 102 mensen het leven kostte. Tientallen huizen en grote stukken bos werden door het vuur verwoest.

De brand in Mati is de op één na dodelijkste natuurbrand van deze eeuw, na de bosbranden in Australië in 2009 waarbij 173 mensen omkwamen.

Na de bosbranden diende toenmalig minister van Burgerbescherming Nikos Toskas zijn ontslag in. Ook het hoofd van de Griekse civiele beschermingsdienst en de chefs van de brandweer en politie moesten opstappen in de nasleep van de ramp.

Uit verschillende rapporten bleek naderhand dat er bij de aanpak van de brand door de overheid grove fouten zijn gemaakt. Diverse nabestaanden spanden een rechtszaak aan tegen de autoriteiten.

In maart 2019 werd bekend dat het Griekse openbaar ministerie 20 mensen heeft aangeklaagd in verband met de bosbranden bij Mati. De aanklachten omvatten doodslag, het veroorzaken van zwaar lichamelijk letsel door nalatigheid en brandstichting door nalatigheid.

Mati vóór en na de branden:


19 mei: Herdenking Pontische genocide

19 mei 2021

Ieder jaar staat Griekenland op 19 mei stil bij de Pontische genocide: een etnische zuivering in het Ottomaanse Rijk waarbij zeker 350.000 Pontische Grieken tussen 1914 en 1922 werden gedood. Op deze dag dragen de Evzones, het keurkorps van ceremoniële wachters van de Griekse president, het traditionele zwarte Pontische uniform als eerbetoon.

Pontiërs zijn Grieken die zich in de 8e eeuw voor Christus vestigden in het gebied rond de Zwarte Zee, het uiterste noorden van het huidige Turkije. Ze noemden de streek Pontus, wat ‘zee’ betekent in het Oudgrieks. In de eeuwen daarna werden ook Pontische gemeenschappen gevestigd in Georgië, Rusland, Oekraïne en Kazachstan. Ze zijn christelijk en spreken dezelfde taal: het Pontisch, dat erg lijkt op Oudgrieks.

Tijdens de Eerste Wereldoorlog was het Ottomaanse Rijk een bondgenoot van Duitsland waardoor het in oorlog raakte met Rusland, Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk. De Grieken stonden aan de kant van de geallieerden. In 1914 werden de eerste Pontische Grieken opgepakt, vermoord of naar concentratiekampen gebracht door het Turkse leger. Naar schatting zijn 350.000 – 1.000.000 Pontiërs omgekomen in de periode tussen 1914 en 1922.

In 1994 werd in Griekenland een wet aangenomen die de moord op Pontische Grieken als genocide erkent. Behalve Griekenland hebben slechts twee andere landen (Cyprus en Zweden) de Pontische genocide erkend. Turkije ontkent de genocide formeel en verzet zich tegen internationale erkenning ervan. In Turkije is 19 mei zelfs een nationale feestdag, waarbij de Turken de ‘verdrijving van de vijand’ vieren en Atatürk eren.

Boodschap op Grieks parlement

Op het gebouw van het Griekse Parlement werd vandaag een speciale boodschap geprojecteerd ter nagedachtenis aan de Pontische genocide en tijdens de plenaire vergadering werd een minuut stilte in acht genomen.

“We moeten ons verzetten tegen achteloosheid die past bij degenen die misdaden hebben gepleegd en die nu de geschiedenis proberen te verdraaien’, zei vice-premier Panagiotis Pikramenos tijdens de bijeenkomst. Hij benadrukte dat de Pontische genocide een mondiale kwestie is, net als de Holocaust en de Armeense Genocide.

Fofi Gennimata, leider van de oppositiepartij KINAL, liet op social media weten te streven naar internationale erkenning van de Pontische genocide.

“De internationalisering van de kwestie is vandaag actueler dan ooit, na de erkenning van de Armeense genocide door de Amerikaanse president Joe Biden. We zullen niet stoppen totdat de historische waarheid is hersteld en Turkije zijn misdaden erkent en om vergeving vraagt ​​van de volkeren die hebben geleden”, schrijft ze.


Grigoropoulos-herdenking verloopt onrustig

6 december 2020

De politie heeft vandaag in het centrum van Athene 110 mensen gearresteerd die de moord op de 15-jarige Alexandros Grigoropoulos wilden herdenken. Ondanks een samenscholingsverbod gingen mensen toch de straat op.

In de wijk Exarcheia, waar de tiener in 2008 werd doodgeschoten door een politieagent, werden 60 mensen gearresteerd wegens het overtreden van het verbod op samenkomsten. Onder de arrestanten waren ook twee advocaten en de voorzitter van de anti-racistische organisatie KEEFRA.

Vanwege de coronapandemie had de Griekse regering een samenscholingsverbod uitgevaardigd; er mochten niet meer dan 4 mensen samen zijn op straat. Ook werden verschillende metrostations afgesloten uit veiligheidsoverwegingen. De herdenking loopt vrijwel ieder jaar uit op rellen tussen demonstranten en de oproerpolitie.

In het centrum van Athene en Exarcheia waren vandaag zeker 4000 agenten op de been. Eerder op de ochtend had de oproerpolitie al flatgebouwen in Exarcheia ‘schoongeveegd’ om mogelijke demonstranten te verwijderen. In zeker één gebouw zouden flitsgranaten naar binnen zijn gegooid door de ME.

Volgens CNN Greece werd de plaats van de moord grondig afgeschermd – zelfs journalisten en fotografen werden niet toegelaten. Een bos bloemen die door een vrouw was achtergelaten, werd door de politie verwijderd en vernield. Twee Duitsers die bloemen wilden neerleggen bij de herdenkingssteen voor Grigoropoulos werden opgepakt.

6 december 2008

De 15-jarige Alexis Grigoropoulos
(in 2008)

Op 6 december 2008 werd de 15-jarige Alexandros Grigoropoulos op de kruising van de straten Tzavela en Mesologgiou in Exarcheia zonder duidelijke reden neergeschoten door een agent. De jongen werd in zijn hart geraakt en was op slag dood. De politieman zei later dat hij niet op de jongen had gemikt, maar dat de tiener was gedood door een afgeketste kogel van een waarschuwingsschot. Getuigen zeiden dat de agent wel degelijk gericht had geschoten op Alexandros.

Na de dood van Grigoropoulos braken er in heel Griekenland zware rellen uit die ruim twee weken duurden.

Epaminondas Korkoneas, de agent die de tiener doodschoot, heeft in juli 2019 in hoger beroep een lagere straf gekregen. Hij was eerder veroordeeld tot een levenslange gevangenisstraf, maar die straf werd verlaagd naar 13 jaar cel voor opzettelijke doodslag. Korkoneas is inmiddels weer op vrije voeten omdat hij – inclusief voorarrest – al 11 jaar van zijn straf heeft uitgezeten.


Moord op Pavlos Fyssas herdacht

18 september 2020

Op de zevende sterfdag van de linkse muzikant Pavlos Fyssas heeft zijn familie een verklaring gepubliceerd waarin het publiek wordt opgeroepen op te komen voor de veroordeling van de extreemrechtse Gouden Dageraad.

“We verwachten dat op 7 oktober 2020 mensen de straten bij het Gerechtshof overspoelen en roepen dat Gouden Dageraad niet onschuldig is”, schrijft de familie Fyssas.

Fyssas werd in de nacht van 17 op 18 september doodgestoken door een aanhanger van de extreemrechtse partij. De moord op de rapper en activist leidde tot een grootschalig strafrechtelijk onderzoek naar de activiteiten van Gouden Dageraad.

Het megaproces waar 69 leden van de partij (waaronder de partijtop en parlementariërs) terechtstonden, begon in april 2015 en werd onlangs afgerond. De moeder van de vermoorde muzikant was bij elke zittingsdag aanwezig.

De partijleden worden beschuldigd van lidmaatschap van een criminele organisatie, verboden wapenbezit en mishandeling van immigranten en linkse tegenstanders. Volgende maand doet de rechtbank uitspraak in de zaak.

Herdenkingsmars

Vanmiddag werd in Keratsini een protestmars gehouden om de sterfdag van Fyssas te herdenken. Honderden mensen, met familieleden en vrienden van de muzikant voorop, liepen naar het centrum van Pireaus. Eerder op de dag kwamen linkse en antifascistische groepen bijeen bij het monument dat voor Fyssas werd opgericht op de plek waar hij werd vermoord.

Ook op andere plaatsen in Griekenland, waaronder Kalamata, Thessaloniki en Athene, gingen mensen de straat op om de moord op de activist en muzikant te herdenken en te protesteren tegen nazisme, fascisme en racisme.

De moord op Fyssas

De 34-jarige Pavlos Fyssas, die sinds 1997 actief was in de Griekse hiphop-scene onder de naam Killah P, werd in de nacht van 17 september 2013 in Keratsini (een buitenwijk van Piraeus) doodgestoken. Samen met drie vrienden werd Fyssas bij een café belaagd door een groep van 50 mannen. In eerste instantie lukte het om te ontsnappen aan hun aanvallers, maar op straat blokkeerde een auto hun weg. De bestuurder stapte uit en stak de muzikant in zijn hart.

Giorgios Roupakias, die de moord op Fyssas heeft bekend, is in maart 2016 vrijgelaten uit voorlopige hechtenis omdat de wettelijke termijn van zijn voorarrest verliep. Sindsdien staat hij onder huisarrest, Op de plek van de moord is in 2014 een monument onthuld ter nagedachtenis aan Fyssas. In 2015 werd in Piraeus een straat vernoemd naar de muzikant. Ieder jaar wordt de dood van Fyssas herdacht.


President herdenkt herstelling Griekse democratie

24 juli 2020

President Katerina Sakellaropoulou heeft vandaag de 46e verjaardag van de herstelling van de democratie in Griekenland herdacht.

Ze deed dat door een krans te leggen in het voormalige detentiecentrum van een ondervragingseenheid van de militaire politie (EAT/ESA) dat werd gebruikt tijdens de junta.

Op 24 juli 1974 – ruim zeven jaar nadat kolonels de macht hadden gegrepen – werd de democratie in Griekenland hersteld. Deze mijlpaal in de moderne Griekse geschiedenis wordt ieder jaar herdacht.

‘Gevochten voor democratie en vrijheid’

“Vandaag is een dag van eer en herdenking voor al degenen die vochten, werden gemarteld en verbannen, zodat wij van de voordelen van democratie kunnen genieten”, aldus de president. “Zij vochten voor democratie, voor vrijheid, voor mensenrechten. En we moeten ze niet alleen eren, maar ook deze herinnering levend houden, zodat we dergelijke momenten nooit meer beleven”, benadrukte ze.

Na de kranslegging bij de buste van Spyros Moustaklis, een legerofficier die werd vervolgd en gemarteld vanwege zijn actieve verzet tegen de junta. werd Sakellaropoulou rondgeleid door het Museum van het Anti-dictatuur Democratisch Verzet.

Staatsgreep 1967

In de nacht van 20 op 21 april 1967 pleegde een groep rechtse legerofficieren onder leiding van brigadegeneraal Stylianos Pattakos en de kolonels George Papadopoulos en Nikolaos Makarezos een staatsgreep.

De junta voerde een zwaar repressief regime: de persvrijheid werd afgeschaft, van communisten werd het staatsburgerschap afgenomen en er werd een avondklok ingesteld. Mensen met linkse sympathieën of kritiek op het regime verdwenen achter tralies of werden naar strafkampen op de eilanden gestuurd. Ook theater, muziek en andere culturele uitingen kwamen op een zwarte lijst te staan.

De studentenopstand van 17 november 1973 geldt als het hoogtepunt van het verzet tegen het kolonelsregime. Na de studentenopstand deed Dimitrios Ioannidis, een van de juntaleiders, een greep naar de macht. In 1974 organiseerde hij een staatsgreep op Cyprus.

Het kolonelsregime was een aanhanger van het zogenaamde Enosis-gedachte, het streven naar de aansluiting van Cyprus bij ‘moederland’ Griekenland”. Deze coup zou de aanleiding worden voor de Turkse invasie op het eiland – en uiteindelijk ook de val van de Griekse militaire dictatuur inleidde.

‘Metapolitefsi’

Op 23 juli 1974 gaf Ioannidis zijn macht op. Een dag later arriveerde de doorgewinterde politicus Konstantinos Karamanlis, die tijdens de junta in een zelfgekozen ballingschap in Parijs verbleef, in Griekenland en hij vormde onmiddellijk een regering van nationale eenheid. Daarmee begon in Griekenland het proces van overgang van een militair bewind naar een pluralistische democratie.

Deze overgangsperiode (bekend als de ‘Metapolitefsi’) leidde uiteindelijk tot de oprichting van de Derde Helleense Republiek – het huidige Griekenland.